Doel van dit project is om een fieldlab te ontwerpen waarin uiteindelijk kennis wordt verzameld en onderzoek wordt uitgevoerd naar oplossingen voor het stapelbaar krijgen en houden van de dikke fractie van (primair) gescheiden melkveemest, onder andere door op locatie toepassing van diverse oplossingen te faciliteren en te demonstreren, zodat kennis en ervaringen worden gedeeld met collega’s, beslissers, overheden, adviseurs en bedrijfsleven. Daarnaast zal de impact rondom de toepassing van de bodemverbeteraar worden onderzocht. Wat heeft het produceren van deze organische bodemverbeteraar precies voor meerwaarde?
Bij het ontwerpen van het fieldlab ‘Stapel op vaste mest’ bundelen zij de krachten om in samenwerking met ter zake kundige onderwijs-, onderzoek- kennisinstellingen en agro-adviseurs de problematiek van het stapelbaar krijgen en houden van vaste mest te beschrijven, te verkennen en naar oplossingen toe te werken, om deze op termijn bij realisatie van het fieldlab na afloop van de ontwerpfase toe te passen, te valideren en kennis daarover uit te dragen.
De conclusie is dat het technisch mogelijk is om strorijke vaste mest stapelbaar te maken en daarmee emissies te reduceren en bodemkwaliteit te verbeteren. Er is echter behoefte aan verdere praktijkgerichte kennisontwikkeling, experimenteerruimte binnen regelgeving en samenwerking in een fieldlab-omgeving. Een regionaal fieldlab kan fungeren als 2experimenteer- en demonstratieplek waar boeren, onderzoekers en adviseurs samen werken aan toepasbare oplossingen voor een duurzame en toekomstbestendige melkveehouderij.

Hoe maak je van natte mest een waardevolle bodemverbeteraar? In het project Stapel op vaste mest onderzochten melkveehouders, onderzoekers en adviseurs hoe de dikke fractie van gescheiden melkveemest beter stapelbaar en bruikbaar kan worden gemaakt.
De aanleiding is duidelijk: Nederlandse landbouwbodems staan onder druk. Een tekort aan organische stof heeft gevolgen voor bodemvruchtbaarheid, biodiversiteit en klimaatbestendigheid. Vaste mest biedt kansen om de bodem te versterken, maar blijkt in de praktijk vaak te nat om goed op te slaan of toe te passen.
Binnen het project is onderzocht welke technieken helpen om mest beter stapelbaar te maken, bijvoorbeeld door mestscheiding, toevoeging van stro en slimme opslagmethoden. Daarbij bleek een droge-stofgehalte van ongeveer 29–30% cruciaal voor goede stapelbaarheid. Ook afgedekte opslag is belangrijk: hiermee kunnen stikstof- en koolstofverliezen sterk worden verminderd.
De resultaten laten zien dat stapelbare vaste mest kansen biedt voor emissiereductie, betere bodemkwaliteit en kringlooplandbouw. Het project vormt daarmee een belangrijke stap richting praktische en toekomstbestendige oplossingen voor de melkveehouderij.